Ik ben geregistreerd Tax Assurance Provider en heb toegangcodes

Register en kenniscentrum voor de Tax Assurance Provider

Hellend vlak

Eelco van der Enden Door Eelco van der Enden 9 maart 2016 Dit artikel delen

De reacties op het advies van advocaat-generaal René Niessen om de fictieve rendementsheffing af te schaffen wegens strijdigheid met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens waren niet mild. ‘Technisch onjuist, niet onderbouwd en een politiek advies’, luidde het. De Volkskrant trok zelfs de conclusie dat men bij de Belastingdienst Niessen kennelijk een onbenul vindt. Niessen heeft met zijn advies echter een open zenuw geraakt waar de politiek en fiscalisten niet graag (publiekelijk) over praten: de effectiviteit van de Belastingdienst.

De fictieve rendementsheffing is er gekomen uit overwegingen van eenvoud en voorspelbaarheid. Bij recente discussies rondom de verhoging van het fictieve rendement kwam dit weer naar voren. Staatsecretaris Wiebes wees terecht op de uitvoerbaarheid van fiscale wetten. Veel problemen waar de Belastingdienst voor staat zijn veroorzaakt door ingewikkelde wetgeving die het gevolg is van politieke verlanglijstjes en compromissen. Maar slaan we nu niet door? Is alleen de politiek verantwoordelijk voor de gebrekkige ICT, het zwaar verouderde personeelsbestand, niet succesvolle reorganisaties of het ontbreken van duidelijke effectiviteitsmetingen?

De Algemene Rekenkamer publiceerde 4 februari jl. het rapport ‘Intensivering toezicht en invordering bij de Belastingdienst’. Volgens de Rekenkamer is er te weinig inzicht in de relatie tussen opbrengsten en investeringen en is extra budget gebruikt voor andere doelstellingen dan waarvoor oorspronkelijk bedoeld. Zo niet volgens de staatsecretaris. Volgens hem is de relatie tussen investering en meeropbrengst wel degelijk 'aannemelijk gemaakt' en zijn de afwijkingen van het oorspronkelijke plan volgens hem 'verstandig geweest' omdat ze 'veel hebben opgeleverd', zo viel te lezen in Het Financieele Dagblad. Bij vragen hoe het komt dat het aantal boekencontroles in het mkb gehalveerd is van 22.000 naar 11.000 komt het antwoord dat nieuwe technologie daarvoor zorgt. Bij twijfels over de effectiviteit van horizontaal toezicht wordt verwezen naar eigen onderzoek en volgehouden dat Nederland gidsland is op het vlak van ‘toezicht op basis van vertrouwen’. Het is een constant ‘welles-nietes’spel waarbij externe kritiek wordt gebagatelliseerd of genegeerd.

Als uitvoerbaarheid prevaleert, wie controleert dan of de Belastingdienst wel de juiste stappen zet op het vlak van effectiviteit en efficiency? Weten we wel zeker dat de Belastingdienst het werkelijk rendement niet kan controleren? In andere landen kan dat namelijk wel. Als uitvoerbaarheid zo belangrijk is in het wetgevend proces ,dan moet er politieke en publieke verantwoording worden afgelegd door het uitvoeringsorgaan over de voortgang van de aangekondigde reorganisatie- en verbeterplannen. Deze moeten dan gemonitord worden door een onafhankelijke instantie als bijvoorbeeld de Algemene Rekenkamer. Zo kunnen de effecten van investeringen in ICT, doelmatigheid en rendement gevolgd worden. Het proces kan dan worden bijgestuurd en mensen verantwoordelijk gehouden. Hebben we in het verleden de Belastingdienst opgezadeld met te veel taken en lastige wetgeving? Op dit moment lijkt het wel dat het gemak voor de Belastingdienst de fiscaal politieke agenda bepaalt. Voor je het weet komen we in een spiraal terecht waar rechtszekerheid en rechtvaardigheid ondergeschikt gemaakt worden aan het subjectieve begrip ‘praktische uitvoerbaarheid’. Een zorgelijke ontwikkeling die Niessen terecht aan de kaak stelt.

Reageer

Blog Archief

Volg Tax Assurance

Ontvang de nieuwsbrief

Tax Assurance

is een initiatief van
Stichting RTAP en Domus Editoria