Ik ben geregistreerd Tax Assurance Provider en heb toegangcodes

Register en kenniscentrum voor de Tax Assurance Provider

Veronderstellen of vaststellen?

Edwin van Loon Door Edwin van Loon 6 juni 2013 Dit artikel delen

Onlangs was ik aanwezig bij een bijeenkomst van Klant Coördinatoren van de Belastingdienst waarbij mij gevraagd werd iets te zeggen over het onderwerp tax control framework en omzetbelasting. Ik geniet altijd in het bijzonder van deze bijeenkomsten, immers het uitwisselen van opvattingen over het belastingcontrolevak met medewerkers van de Belastingdienst en (con-)cullega's vind ik het mooiste wat er is.

Bij deze gelegenheden wordt altijd veel gesproken over de Controleaanpak Belastingdienst, horizontaal toezicht, het schillenmodel en begrippen als 'gerechtvaardigd vertrouwen' en 'de aanvaardbare aangifte'. U kunt de rest van de begrippen die er passeren vast wel zelf invullen.

Zo ook bij deze bijeenkomst. Tijdens de 'heeft u nog vragenronde' aan het einde van mijn presentatie/betoog, werd er even kort in mijn richting 'gejoeld' door een groot deel van de aanwezigen - ik kan daar overigens best tegen; ik kan wel tegen een stootje. Aangezien ik u niets wil onthouden, maak ik u graag deelachtig van mijn opvattingen die de aanleiding vormden voor het gejoel. Wat was namelijk het geval? Ik beweerde met grote overtuiging en stelligheid (zo ben ik ...) dat ik het schillenmodel als handhaving c.q. toezichtmodel maar niks vind. In een reactie op het gejoel probeerde ik mijzelf nog een beetje te redden door met een ontwapende glimlach aan te vullen dat ik eigenlijk alleen 'voor de omzetbelastingcontrole sprak', maar het kwaad was natuurlijk al geschied.

Wat wilde ik nu precies zeggen?

Het schillenmodel is gebouwd op de fundamenten van een goedgelovigheid neigend naar naïviteit. De Controleaanpak Belastingdienst is daarmee verworden tot een model dat niet past bij haar rol van toezichthouder/handhaver, tenzij we de Belastingdienst als een soort dienstverlener (ik citeer hier weer), 'in concurrentie' met de belastingadvieskantoren moeten gaan zien. Ter illustratie citeer ik hieronder een paar maal uit de Leidraad Toezicht Grote Ondernemingen. Ik begin gewoon maar vooraan.

Onder ’1.1 INLEIDING’
"De algemene beleidsdoelstellng van de Belastingdienst is de (ín beginsel aanwezig veronderstelde) bereidheid van belastingplichtigen en toeslaggerechtigden om wettelijke verplichtingen na te komen ...".

Onder ‘1.2 HANDHAVINGSREGIE’
"De inzet van Belastingdienst/Grote ondernemingen is de mate waarin grote ondernemingen vrijwillig hun verplichtingen nakomen maximaal te vergroten ...", en een paar regels later: "Uitgangspunt daarbij is gerechtvaardigd vertrouwen en ...", of nóg erger:

"De mate, vorm en het moment van aandacht worden bepaald op basis van handhavingsregie, waarbij de beperkt beschikbare capaciteiten en competenties zo efficiënt en effectief mogelijk worden ingezet." Wat wordt hier nu precies gezegd eigenlijk? Staat hier nu dat er sprake van beperkt beschikbare capaciteiten en competenties van Belastingdienstmedewerkers? Ik neem aan dat ik het niet goed lees, dat zouden ze van mij/tegen mij niet moeten zeggen ... -).

"Uitgangspunt is het vertrouwen dat burgers en organisaties bereidheid hebben hun wettelijke verplichtingen na te komen ...".

Onder ‘1.3 BASIS UITVOERING TOEZICHT’
...Controleaanpak Belastingdienst (CAB). Daarbij wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van het werk dat al door de organisatie in kwestie en de betrokken externe deskundigen is verricht. "Deze benadering is gebaseerd op het schillenmodel."

Goedgelovigheid en naïviteit

De kranten staan dagelijks/wekelijks vol van belastingplichtigen - of nog actueler: toeslagengerechtigden’ die het beginsel, zoals is aangehaald onder 1.1, met voeten treden. Ik ben van mening dat veel meer inhoud moet worden gegeven aan het begrip 'gerechtvaardigd vertrouwen'. Wat is dat eigenlijk ? Waarop is dat gebaseerd? Hoe stellen we dat vast ? Mag ik er nu één miljoen of tien miljoen per aangifte naast zitten?

Natuurlijk onderschrijven we allemaal dat burgers en organisaties bereidheid hebben hun wettelijke verplichtingen na te komen. Het is echter de taak van de Belastingdienst om op de naleving van deze wettelijke verplichtingen toe te zien en handhaving toe te passen. Het schillenmodel veronderstelt dat de organisatie(s) én de betrokken externe deskundigen, zoals de fiscale adviseur en de openbare accountant 'werk verrichten' (wat dat ook moge inhouden?), om te borgen dat een aanvaardbare aangifte en tijdige betaling plaatsvinden.

Conclusie

Ik stel vast, en laat ik vooral voor mijn eigen middel spreken, dat het in 'voorkomende' gevallen qua inzet van de externe adviseurs wel een tikkeltje strakker mag. Voor de goede orde: dit is een understatement. Hiermee stel ik ook vast dat ten minste een van de pijlers onder de Controleaanpak Belastingdienst op drijfzand rust. Als we daarbij de frequentie van uitgevoerde boekenonderzoeken c.q. de controlefrequentie van de Belastingdienst bij grote ondernemingen optellen, dan denk ik dat er van het schillenmodel weinig overblijft.

Tot slot nog een kleine oproep aan de Belastingdienst

Stel vast door het uitoefenen van boekenonderzoeken in hoeverre vertrouwen gerechtvaardigd is. Ga niet 'goedgelovig en naïef' te werk, maar stel vast welke werkzaamheden door de betrokken externe deskundigen zijn uitgevoerd en áls u er achter komt dat de verrichte werkzaamheden van de externe deskundigen onvoldoende toereikend zijn om uw 'gerechtvaardigd vertrouwen' op te baseren, kom dan in actie en voer uw boekenonderzoeken uit.

Kortom: pak uw taak (weer) op: ga vaststellen in plaats van veronderstellen. De belastingbetalers in dit land hebben recht op een professionele houding van haar toezichthouders. Oh ja, en voor ik het vergeet; dat geldt in het bijzonder voor 'mijn' middel.

Reageer

Blog Archief

Volg Tax Assurance

Ontvang de nieuwsbrief

Tax Assurance

is een initiatief van
Stichting RTAP en Domus Editoria